Knutseldefrutsel (uitleg zakjes adventskalender)

Donderdag 21 nov. 2019

Zoals beloofd (ik kreeg zelfs een reminder van iemand) hier de uitleg voor het maken van ‘adventskalender-zakjes’ van bakpapier.

Wel even een waarschuwing vooraf: ik ben bepaald geen crea bea, maar meer zo’n tiepje van de ‘losse vorm’ zeg maar, ha! Dus wat je hier aantreft, is niveau ‘lekker een beetje aanrommelen’. Vind dat zelf erg aangenaam maar wellicht vind je deze ‘kerstknutselfrutsel’ te simpel. In dat geval, helaas pindakaas. En anders: lees vooral even verder.

De zakjes zijn heel simpel te maken (daar gaan we al: valt geen enkele eer aan te behalen, oh oh…). Niks ingewikkelds dus maar gewoon stevige zakjes waar je iets liefs (of lekkers) in kan stoppen. Heel geschikt om een vulbare adventskalender mee te maken. Voor als je onderhand ook wel klaar bent met die niet te vreten ‘cacaofantasie-chocolaatjes’ kalenders.
Hoho, here we go!

  1. Neem een vel (wit) bakpapier en vouw dat dubbel. Maak een scherpe rand van de vouw en scheur (of knip) het bakpapier op de vouwlijn in twee gelijke stukken. Het maakt niet uit als ’t niet 100% netjes gescheurd is

  2. Vouw beide stukken nu weer dubbel

  3. Maak in beide vouwen weer een scherpe rand en scheur de twee stroken weer door.
    Je krijgt dan 4 stukken bakpapier, van elk stuk maak je een zakje.

  4. Neem 1 velletje, en vouw een rand om (± 4 cm).

  5. Vouw nu het velletje, met de omgevouwen rand, dubbel over de lengte (sorry, foto = beroerd maar je snapt ‘m wel denk ik 😉 )

  6. Vouw dan (aan de open kant) over de lengte een randje van ± 1 cm om, en plak het vast met lijm. Doe dit nog een keer met hetzelfde randje (dus je krijgt een dubbel omgevouwen randje). Dit maakt het zakje sterker en de randjes mooi afgewerkt.

  7. Vouw nu onderaan, dus horizontaal, ook een randje om van ± 1 cm dubbel en plak vast. Doe dit nogmaals, met hetzelfde randje (dus je krijgt ook hier een dubbel omgevouwen randje). Plak weer vast.

  8. Maak met een perforator een gaatje in de bovenrand van het zakje. Niet door beide kanten, alleen door de ‘voorkant’. Haal daar een touwtje doorheen -ik deed nog een belletje aan het touwtje voor de leuk-, schrijf of plak een nummertje op het zakje en klaar is je (cadeau)zakje!
  9. Nou, en dat dus 24 keer, ha!

Bij ons komen de zakjes te hangen aan een rijstpapieren lamp met gaatjes. In die gaatjes steek ik allemaal kleine dennentakjes waaraan ik dan de genummerde zakjes hang. Elke dag doen wij dan om beurten iets liefs en kleins in een zakje, voor de ander. 

Het uiteindelijke resultaat van onze adventskalender laat ik zien als ie hangt, op 1 december. Voor inspiratie: kijk ook eens hier. Vouw- en plak ze!

En nu: kop thee en ‘the Crown’!
Ciao, tot gauw.