Dirk

Stilstaan bij sterfdagen van dierbaren geeft toch altijd iets van een brok in de keel. Zo ook vandaag. Precies 2 jaar geleden moesten we onze hondenlieverd Dirk laten gaan.

En man wat hakte dat erin, we waren in stukjes uit elkaar gevallen.
Verdriet om de dood van je hond (of een ander huisdier) is iets dat ontzettend intens kan zijn. En daar hoef je niet ‘dromerig’ of onnozel voor te zijn (‘schattig’ voor mijn part…): dat overkomt allerlei type persoonlijkheden, uit allerlei verschillende lagen van de bevolking. Met of zonder kinderen, met of zonder andere huisdieren, met of zonder leuk leven, uit de stad of ‘de provincie’, wetenschappelijk opgeleid of praktisch opgeleid, rijk, arm, oud of jong, stoer of niet stoer.

Wij spraken in die dagen na de dood van onze Dirk alleen maar mensen die het niet te stoppen verdriet en de snoeiharde pijn, volmondig konden beamen.

En nu, twee jaar later, is een dag als vandaag nog steeds een dag met een tikkeltje mistroostig randje. Maar het is ook een dag waarop je leert: we zijn nu twee jaar verder en het leven is na verloop van tijd ook weer doorgegaan. Op een goeie manier. Bovendien leerden we: voorbij de pijn, bleken we Dirk niet volledig kwijt te zijn.

We dachten in die eerste periode na de dood van Dirk dat het nooit meer leuk zou worden. Je weet heus wel dat dat niet waar is, maar je hart weet dat op dat moment nog niet. En nu heeft ook ’t hart geleerd: het is goedgekomen. Dirk heeft een warm plekje daarbinnen, is zelfs ‘met ons meeverhuisd’ naar Nijmegen, we zien en horen hem terug in Freek (zeker nu die wat meer een puber is en minder baby) en we hebben nu vaker lieve en fijne herinneringen aan Dirk, dan pijn van zijn dood.
Eerlijk gezegd voelt de nagedachtenis aan Dirk veel helderder en troostrijker dan die van onze ouders. Wij hadden een goede, dierbare band met mijn vader, ook met onze (schoon)moeder, maar ik merk wel dat de herinneringen veel complexer zijn. Dat is ook logisch natuurlijk, een mensenleven is langer en complexer dan een dierenleven. Maar ik had niet verwacht dat er zo’n duidelijk aanwezige goeie, lieve en troostrijke ‘vibe’ zou blijven na de dood van je dier. En wat we ook allebei merken: Dirk voelt als een persoonlijkheid, ook in zijn nagedachtenis.

Een hond is geen kind. Maar hij voelt zo wel. Als je kind. Simple as that. Door de intense interactie, de afhankelijkheid, de puurheid en het rechtstreekse heart to heart contact. Een jong, vertederend kind is het. Meer nog dan ‘real kids’ wat ons betreft. En we kijken heel dankbaar terug op ruim 11 jaar leven met hondenkind Dirk. We leven in feite nog steeds met hem. Hij reist met ons mee en dan nu als zielemaatje. Dat is een dierbaar en kostbaar gevoel.

Freek is Freek en anders dan Dirk. Maar wel met bepaalde trekjes die heel herkenbaar zijn. Freek is een ‘druk kind’, meer dan Dirk. Onstuimig zelfs. Erg leuk ook: elke dag een uitdaging. Zit je net lekker in een werkflow voor het winterboekje, springt Freek op de bank en trekt met z’n lompige poot je hand van het toetsenbord weg. Letterlijk. Spelen, aandacht! Of hij rent de werkkamer in waar jij je net probeert te concentreren op de tekst, en dan gaat Freek op het logeerbed staan blaffen naar… ja, naar wat eigenlijk…oh oh. Dan zeggen we wel eens voor de grap: “Dirk, doe er es wat aan, spreek die kleine boevige opvolger van je eens even streng toe”. Maar we vinden het stiekem alleen maar leuk. En dat hadden we bij Dirk ook altijd.

Lieve Dirk dood, het was eerst niet te bevatten. Maar dat snappen we achteraf ook wel want in hart en ziel is hij gewoon springlevend gebleven.
Die Dirk…

Dejan & Kiki

Foto bovenaan: Dejan en Dirk op Texel.

PS: 
Ben je in de rouw vanwege de dood van je huisdier, en zoek je herkenning? Lees dan dit ontroerend geschreven artikel (en wie weet daarna het boek) van journalist Antoinnette Scheulderman eens.
Artikel en boek, allebei troostrijke aanraders.