Dinsdag 5 februari 2019

Broodbakken, blij zijn en niet blij zijn, kantoorpraat.

Ik ben vandaag maar eens aan het broodbakken gegaan. Sinds tijden geurt ons huis weer naar bakkerij. Het is heerlijk. En het maakt me blij. Ik dacht: ah fijn, bijna als vanouds, bijna back to normal. Maar wat normaal was (Dirk die leeft en hier rondloopt) dat is vreselijk voorbij.
En dat woordje ‘bijna’, dat prikt de ballon waarin ik dan met mijn blije gevoel even rondhang meteen weer door. Met een knal ploft ie uit elkaar en hup, sta ik met een brok in m’n keel en een taaie klomp in mijn maag weer met de voeten op de grond.
Terug in de werkelijkheid die went, maar ook nog steeds onwerkelijk voelt. Dat je opendoet voor de buurman en dat je denkt: ‘allejezus het is drie uur ’s middags en de voordeur zit nog op slot…?!’. Simpelweg omdat er geen reden meer is om ’s morgens meteen na het opstaan naar buiten te gaan. Er is inmiddels wel weer genoeg reden om überhaupt op te staan gelukkig: voor elkaar, voor dingen die moeten, de dingen die mogen en om er weer het beste van te gaan maken samen.
De achterdeur is trouwens wel vroeg open, voor een ochtendbezoek (meestal door Dejan) aan de kippetjes. En om de herdenkingskaarsjes bij Dirk uit te blazen die dan ’s avonds weer aan gaan.
Dat is dus de werkelijkheid van nu en het went heel langzaam maar het Nieuwe Normaal doet ook nog pijn. We zijn gewoontediertjes.
En we zijn zo giga dol op Dirk!
En we missen hem zo ontzettend…
We missen daarnaast het leven met een hond ook heel erg.

Maar. Het was wel even fijn om weer blij te zijn en de glimlach momenten zijn er steeds wat vaker.
Broodbakken is troostrijk. De geur is ook zalig troostrijk. En eindelijk heb ik weer eens iets met liefde gemaakt in de keuken, dat doet me goed. Gisteren voor vriendinnetje Annelies kookte ik dahl (= Indiaas linzengerechtje, dit is een fijn recept ter inspiratie) en dat deed ik ook al met beduidend meer plezier.
M’n hart is aan het helen. Alleen houdt het me voor de gek als ik dan weer exited ben van iets (mijn gloedjenieuwe werkplek bijvoorbeeld). Want dan ‘denkt je systeem’ meteen ook dat het voorbij is met de ellende. Dat het verdriet en de hartepijn verdwenen zijn en je er doorheen bent. Een gevoel van opluchting dat dan snel weer plaatsmaakt voor een herinnering aan waar je in werkelijkheid zit: in de rouw.
Ik word ’s nachts wakker (om te plassen) en meteen besef ik dan: Dirk… Meestal val ik dan wel weer in slaap, soms moet ik dan even snotteren en vaak pakt mijn soulmate (die dan kennelijk tussen slaap en waak in zweeft) mijn hand vast. We zitten in dezelfde fase, snappen precies waar de ander uithangt, zonder uitleg.

Anyway. Het is een fase die niet met een knopje uit te zetten is. Ook niet bij een lief dood hondenkind. Maar we kunnen niet meer doen dan we nu doen: elkaar heel erg goed begrijpen. En blij mogen worden van iets, hoop mogen krijgen, vooruit mogen kijken, liefdevol herinneren, pijn durven voelen, het huilen niet tegenhouden maar soms wel even parkeren, mogen lachen, elkaar vasthouden, elkaars verdriet verzachten met en zonder woorden.

Brood en soep zijn comfort food. Troostvoer als het nodig is. Met liefde maak ik dat.
En dit is het recept dat ik gebruikte voor mijn brood vandaag. Een snel, makkelijk recept met een super resultaat. Althans: bij mij dan. En althans 2: vandaag dan. Al moest het wel 3 keer langer in de oven blijven dan het recept aangeeft maar dat is meer het probleem met onze oven denk ik. Soms wil het ook wel eens faliekant mislukken terwijl ik dan precies hetzelfde doe. En sommige recepten werken prima voor de een maar zijn een ramp voor de ander. Zeker met brood blijft het een kwestie van proberen en geluk hebben en er spelen altijd factoren mee die je niet kan voorspellen en niet naar je hand kan zetten (het weer en de temperatuur bijvoorbeeld), tenzij je een bakker bent. Vandaag bakte ik trouwens maar 1 brood dus ik nam van alles de helft. En dan maakte ik ook nog eens een mix van 150 gr gewone bloem, 150 gr volkorenmeel en 50  gr boekweitmeel. Het recept in de link is een mooie basis om zelf mee te variëren.

Kantoorklets
Zit ik dan, in mijn kantoortje. Of nee: mijn broedplaatsje. Aan mijn werktafel, met een glas latte naast me, zit ik ‘te broeden’ op ons nieuwe boekje en tussendoor ook deze post te schrijven voor mijn blog. Alles met aandacht: dat is echt wat ‘mijn hok’ met me doet. Kortom: het werkt.
Dejan is boven op zijn werkkamer ook druk met allerlei klussen en we zeiden vanmiddag na de lunch als grap tegen elkaar: ‘Hoe laat bij het koffie-apparaat? Had ik om 17 uur een afspraakje met mijn ‘collega’ om heel spannend, samen peultjes schoon te maken ☺️

Hieronder nog wat foto’s. Van Annelies die gisteren onze gordijnen omzoomde. Het was een knus tafereel, Lies daar geconcentreerd bezig, het bijna rustgevende geluid van de machine en ik intussen een beetje bezig om mijn laptop. Natuurlijk was het ook van kwebbeldekwebbel. ‘S middags hadden we geluncht in het dorp bij ons nieuwe grand cafe ’t Hart van Dieren. Was lekker, ze moeten nog wel fijnslijpen geloof ik, maar het begin is er. En ’s avonds aten we met z’n drieën, kletsten we over van alles en nog wat en brachten kaarsjes naar Dirk. Dierbaar hoe Lies gewoon tegen Dirk begon te kletsen bij zijn grafje… Verder dus mijn hoekie met een bakkie en nog maar een keer het (oh zo lekkere) zelfbak-broodje.

Tot een andere keer weer.