Botervloot, feestpakket en eigenwijs.

Vrijdag 4 oktober 2019

Maar ik begin met dierendag. 

Vandaag staat in het teken van de dieren. Niet bij de familie Boslust trouwens, want hier staat elke dag in het teken van onze diertjes. We wonen ook niet voor niks in Dieren, ha!

Maar serieus: wij hebben echt geen dierendag nodig om heel erg liefdevol voor onze beestenkinders te zorgen. Ze krijgen op hun ‘verjaardag’ een speeltje en iets lekkers en verder zijn ze simpelweg een belangrijk deel van ons leven, elke dag en de hele dag. Maar waar ik vandaag op mijn Boslustblogje wel aandacht aan wil besteden, is hoe actief, scherp en helpend de organisatie Wakker Dier is. Vandaag maken zij van Dierendag de Eet Geen Dierendag. Je kunt van Wakker Dier ook wekelijks een mail ontvangen met tips over diervriendelijke producten in de aanbiedingen bij de diverse winkels. Vega vlees, 3-sterren eitjes, bio melk, noem het maar op. Wakker Dier dus.

Eigenwijs

Gisteren was mijn eerste dag op revalidatiecentrum Klimmendaal. Vanaf het moment dat ik binnenstapte, werd ik geconfronteerd met het patiënt zijn en toen ik er een paar uur later weer uit liep, stroomde m’n hoofd over. Geen ontsnappen aan daar.

Niet de boekjes, niet mijn kookproject, niet het feit dat ik jarenlang als docent werkte op een kunstencentrum en ook niet het feit dat ik mentor was, en deeltijd pleegzorg bood stonden centraal, maar het feit dat er zoveel met mijn lijf en hoofd gebeurd is afgelopen jaren, en waar dat alles mij nu heeft neergezet. En tegelijkertijd is het doel van dit traject om juist minder struggle te gaan krijgen van het ziek zijn (en van een ‘aangedaan hoofd’) maar om uit de hobbel-kreukels te komen. Daar komt het globaal op neer.

Waar het ook op neerkomt, is dat ik elke werkweek 2 dagen ondergedompeld zal zijn in een institutioneel en klinisch programma, en dat een aantal maanden lang. Het beknelt me. De andere 3 dagen (van de werkweek) kan ik dan geen kookproject doen voorlopig, behalve op vrijdag. Maar dan wil ik weekend vieren met meneer Boslust. Ik vermoed dat de groep geinteresseerden van mijn eethuisje daar net zo over denkt. Ik heb bij mijn kookproject niet alleen de dag zelf nodig om te koken maar ook de dag ervoor, voor de voorbereidingen. En de dag erna om bij te tanken. Als ik dan de dag na mijn eethuisje 1,5 uur moet reizen en een indringend, intensief revalidatieprogramma ga volgen, is dat geen goeie combi.

Gisteren had ik met 4 behandelaars een kennismaking (o.a. met 2 fysiotherapeuten en de revalidatiearts), uiteindelijk is het plan dat ik bij ongeveer 6 a 7 verschillende disciplines behandeling krijg. En dat dus in een intensief traject. Ik krijg dan elke donderdag het behandelrooster voor de week erna. Het laatste gesprek gisteren was met de revalidatiearts. Een goed gesprek. Die arts zei (iets in deze strekking): ‘Je (ze zeggen allemaal meteen je en jij daar, dat vond ik heel fijn) je hebt een sterke drive om door te gaan, en van alles te ondernemen. Dat is heel waardevol en voor jou denk ik ook dierbaar. Maar het zou ook goed zijn als je die drive (even) op het 2e plan gaat zetten, en nu voornamelijk focust op je lijf en het traject hier’.

Dat advies vond ik indringend en eerlijk. En toch was het ook datzelfde gesprek dat mij heeft geholpen steviger op mijn eigen voetjes te gaan staan en te beseffen: ik ben degene die uiteindelijk beslist (en het beste aanvoelt) of ik dit daadwerkelijk de beste route vind voor mij’. En dat laatste dat vind ik, na mijn introductiedag op Klimmendaal gisteren, juist niet het geval. Volgende week starten mijn behandelingen, en vandaag heb ik Klimmendaal gebeld: ‘Ik ga het niet doen’. Het voelt stout en eigenwijs. Maar eigenlijk diep van binnen ook: stoutmoedig, eigen, en wijs.

De belangrijkste reden is voor mij, dat ik het mezelf onderdompelen voor langere tijd, in een klinische setting, niet goed vind voor mezelf. Ik voelde dat gisteren ook aan alles. En ik ben er nu ook van overtuigd (door gisteren) dat mijn problemen (= de gevolgen van alle fysieke hobbels en struggles) er juist niet om vragen dat ik eigenlijk alles aan de kant ga schuiven (in elk geval mijn grote passie en mijn dagelijkse ritme) om in een intens en (voor mijn  gevoel ook wel wat hospitaliserend) traject bezig te gaan. Ik heb juist mijn passie, de ademruimte en vrijheid en het ‘op maat leven’ dat Dejan en ik zo mooi voor elkaar hebben, ook heel erg nodig. Als tegenwicht voor alle gezondheidsissues. Maar ik erken ook helemaal dat mijn lijf en hoofd meer nodig hebben dan alleen medicatie en onderzoeken.

Op zich ben ik het dus met de revalidatiearts van het ziekenhuis, en ook met de revalidatiearts van Klimmendaal eens: er valt winst en herstel te behalen door vanuit diverse insteken te gaan werken met mijn lastige lijf. Een onderdeel zou bijvoorbeeld worden: ademhalings- en ontspanningstherapie. Lijkt me heel goed voor mij. Fysio ook. Kijken naar mijn geheugen, concentratie, cognitieve dingen: zeker. En ergotherapie (o.a. je leefritme bekijken en zien of dat aansluit / aan zou moeten sluiten bij je lijf en je beperkingen / ziekte) snap ik ook als onderdeel. Bewegingstherapie (hydrobad enzo): best fijne gedachte. Maar ik wil dat alles veel liever niet, bam!, allemaal tegelijk. Ik wil stap voor stap, een voor een, ’n beetje subtieler, minder allesoverheersend, en vooral: liever in een niet-klinische setting. Zodat ik mijn normale leven kan blijven leven, en daarbinnen op mijn eigen manier en eigen tempo werk aan verbeteringen op zowel reumatologisch vlak als neurologisch, bewegings- en psychologisch terrein. Mijn hele ‘wezen’ heeft herstel nodig: hoofd, hart en lijf. En daar haal ik het beste uit in een setting waarin ik kan ademen.

En dus besloot ik om mij, onderweg naar de start van dit revalidatietraject, om te draaien en ‘naar huis’ te gaan. ‘Thuisgekomen’ ben ik gaan speuren: hoe kan ik de onderdelen die ze mij op Klimmendaal willen bieden, voor mezelf gaan organiseren in mijn eigen leefomgeving en onder mijn eigen voorwaarden? Toen belde ik met de (joekel van een) fysiotherapiepraktijk in ons dorp. En ik legde mijn verhaal voor aan de medewerker die opnam. Het werd een heel goed gesprek en het resultaat is dat ik o.a. de 14e een intake heb bij de neuro-fysiotherapeut, en de week erna bij een soort van ademhalings therapeut. Twee disciplines die ik het meest nodig vind op dit moment:  kijken naar die neurologische /n.a.h. situatie, en ook werken aan het veel beter leren ontspannen van mijn spieren, gewrichten, mijn gehele lijf en mezelf. Het geneest de reuma niet, maar daar gaat het ook niet over. Het kan me wel helpen om de reuma makkelijker de baas te worden en beter afgestemd te raken op mijn mogelijkheden en grenzen.

Het globale plan is dat ik bij die twee fysio-specialismen start en dat we van daaruit kijken of er gaandeweg extra onderdelen nodig zijn. Fysio voor m’n nek bijvoorbeeld, of ergotherapie extra. Ik heb al twee sessies ergo bij ons thuis gehad en dat was prima, resultaat is dat ik allerlei tools aan het aanschaffen ben die erg helpend zijn bij mijn reuma. Een speciaal snijmes, een laptopverhoger, pen-verdikkers.

Dejan en ik geloven er allebei in. Hij staat helemaal achter mijn besluit en vindt me stoer, voor het feit dat ik het  heft in eigen handen neem en de route uitstippel die ik voor mezelf het beste vind. Daarbij is mijn introductiedag op Klimmendaal zeker niet voor niks geweest. Ze hebben mij laten zien welke insteken je kunt nemen in het kijken naar je (fysieke) strubbelingen en dat heeft me enorm op weg geholpen. Ik word geloof ik nog gebeld door beide revalidatieartsen, ik wil ze ook uitleggen waarom ik er niet inga. En dan hoop ik dat ze me kunnen volgen. Als niet, dan niet. Maar ik vermoed van wel.

Tot zover Klimmendaal. To be continued, vanuit herstelhuisje Boslust e.o.

Aan de ontbijttafel van familie Boslust

Nu het gezellige, ha! Bovenstaande foto had er een kunnen zijn van langgeleden maar het was gisterochtend. We hebben een botervloot gekocht. Van Boerenbont. Om te proberen of dat leuk is voor bij ons en ja, het is leuk. Dus wij gaan Boerenbontjes sparen. Langzaam, een voor een (net als werken aan mijn herstel, ha!). Maar we hopen op een gegeven moment dus te kunnen eten, ontbijten en drinken van en uit de uber gezellige boerenbontbloemetjesdingen. Lekker tijdloos, en gewoon gezellig!

Over gezellig gesproken: Freek springt tijdens het ontbijt steeds vaker op ons nieuwe bankje en gaat dan aan de eettafel zitten. Dan heeft hij zijn eigen ontbijtbrokken al op. En het ziet er zo gezellig, familie-achtig en snoeperig uit, meneertje op het bankje aan tafel, maar het dient voor Freek natuurlijk maar een doel: geef. mij. meer. brok. Wat hij niet krijgt natuurlijk, we zijn gekke Henkie niet. Maar dromen mag, ook voor een hond. En zeker op dierendag!

Feestpakket

Dit weekend hebben wij in een boerderij in Soest een feest, van vrienden Anette en Gerard. Een leuk feest, als ik zo het programma bekijk. We hebben een feestpakket gemaakt voor ze. Hoofdcadeau is een spel voor hun gezin (‘Concept’). Daarbij een ‘dinerbon’ voor Gerard en Anette, samen met ons in de Feestkeet bij ons in de tuin. In een versierde keet, severen we dan een feesthap. Voorafgegaand door een wandeling.

(Ik ben trouwens benieuwd of het wandelgroepje dat wilde snoepen en thee/koffiedrinken in de Feestkeet, nog komt. Ze zouden nog een datum doorgeven, zal ze eens mailen. Lijkt me leuk om ze een fijne afsluiting van hun wandeldag te geven in de keet. Intussen ligt er een nieuwe aanvraag, van een  ander groepje. Ook leuk!)

Anyway, naast dat spel en het ‘Feestkeetdiner’ hebben we nog wat kleine grapjes in het cadeaupakket gedaan. Een gedicht voor ze gemaakt, ik heb nieuwe chocofudge gemaakt (lekker herfstig feestelijk met wat mandarijnschil-rasp erdoor), kippetje Fiep heeft 2 kakelverse eitjes voor ze gelegd, katertje Jasper heeft een kleine tip voor ze en hond Freek heeft een tekening gemaakt. Dat laatste uiteraard met mijn hulp. Freek kauwde op het potlood, ik hield het potlood vast en samen bewogen we het potlood over het papier. Ik vind ons hondenkind een groot talent! 😁😅

We vinden het een leuk feestpakket om te geven en hopelijk is het dat ook om te krijgen natuurlijk. Maar geven is stiekem leuker dan krijgen, vind ik. We hebben zin om ons pakket te overhandigen aan de feestvierders. Een cadeautje maken en inpakken vind ik trouwens ook al een feest. Onze boekjes inpakken is helemaal het einde, maar een cadeau fabriceren zoals dit pakket: big fun ook! Ik heb gewoon wat verpakkingen die we nog hadden liggen verknipt en vervolgens met elkaar gecombineerd. En dus wat ‘homemade’ spulletjes erbij gedaan.

Mensen vinden het vaak leuk om cadeautjes van ons te krijgen en dat voelt fijn. Daarbij helpt het natuurlijk als je een cadeau een beetje origineel presenteert. Je hoeft echt niet ingewikkeld te doen. Je hoeft geen knutseltalent te zijn, je hebt geen dure spullen of materialen nodig en hoeft geen perfecte plaatjes te maken (sáái zelfs). Doe lekker wat bij jou past dan komt het altijd goed. Ik kreeg een keer een cadeautje in een krant ingepakt. En in de krantenberichten die erop stonden, waren alle woorden omcirkeld die op mij van toepassing waren. Zo simpel, uniek en lief! Improviseer er lekker op los, zou ik zeggen. Kijk naar wat je in huis hebt, kijk naar wat het seizoen in huis heeft, denk aan degene die het cadeau krijgt en vooral: wees gewoon een beetje eigenwijs.
En zo is de cirkel hartstikke, helemaal, heerlijk rond voor vandaag.

Mooi weekend gewenst.

#InpakkenEnWegggeven